ARTISTIEKE KERN

DAVID WESTERA (1996)

"De intrinsieke waanzin van het theater is wat mij betreft het uitgangspunt in al het werk van Antiklimax. Toneelspelen is per slot van rekening professioneel gek doen. Een voorstelling van Antiklimax moet op de toeschouwer hetzelfde effect hebben als wanneer je voor het eerst het nummer Hocus Pocus van Focus hoort; ja, dat jodelen hoort erbij. En die fluit ook.


Ik beschouw mezelf graag als een nar die met name zichzelf voor de gek wil houden. Ik voel me aangetrokken tot minimalisme en overdaad, tot onwaarschijnlijke schoonheid en irritante liedjes.


Een hoogtepunt waaraan ik dagelijks terugdenk was mijn rol als Marietjes Vader in Anticlimax (ja, haha) van Werner Schwab, geregisseerd door Koen. Die vader was voortdurend dronken. Ik zwalkte met een jeneverfles en een teringlelijk dikmaakpak over het toneel, kotste zuur meurend mangosap over mijn medespelers heen en schreeuwde huilend tegen het publiek dingen over strontzeugen en rechtschapen rouw. Na de voorstelling kostte het me altijd moeite om dat personage van me af te schudden. Ik wilde die goorlap blijven, of hij mij. Dat zal vast en zeker iets over mij zeggen. Leuk toch?"

KOEN VAN SEUREN (1994)

"Ik beschouw mijn artistieke carrière als een onmogelijke zoektocht naar menselijkheid in een wereld van onmenselijkheid. Op die zoektocht vind ik schoonheid in de lelijkheid, en zie ik grote verhalen in alledaagse taferelen. Ik geloof heilig in het vermogen van elk mens om nietsontziend boven zichzelf en de wereld uit te stijgen, met de kracht van een oorverdovende donderslag. Ik verklaar de liefde aan literatuur en aan alles wat Russisch klinkt, ruikt en leest. Ik kan niet anders dan onder hoge druk, met liefde en overgave werken."